Participatie in de praktijk: met hangen en wurgen

De gemeente werkt met een nieuwe participatieprocedure bij asielopvang. Het doel is bewoners ruimte te geven om hun zorgen, wensen en kritiek te uiten. Hoe ging dat in Laak en het Bezuidenhout? Niet altijd goed.

Door

“Straks gaan we aan kleine tafels het goede gesprek voeren,” zegt de moderator die het buurtgesprek leidt, “maar nu wil ik plenair wat eerste reacties en vragen ophalen.” Er zijn een kleine honderd mensen afgekomen op de bijeenkomst over de voorgenomen asielopvang in het Bezuidenhout. De deelnemers zitten verspreid aan tafels in een ruime zaal in het NH Hotel aan de Beatrixlaan. Groot scherm aan de muur, goed geluid, koffie, thee en versnaperingen op de tafels.

De zaal komt deze donderdagavond in juni wat aarzelend op gang, maar na een vraag waarom de Oekraïners die er nu zitten moeten verhuizen, gaan er steeds meer handen de lucht in. Veel vragen gaan over veiligheid en de doelgroep. Komen er alleen jongemannen, of ook gezinnen? Wat kunnen ze doen in de opvang, gaan ze niet rondhangen op straat? Ook is het onduidelijk waarover de participatie precies gaat: worden we nou voor een voldongen feit gesteld?

 

Er is geen goede mix ontstaan
Margreet de Jonge, voorzitter Wijkberaad Laakhavens

 

De eerder dit jaar ingevoerde nieuwe participatieprocedure biedt bewoners en belanghebbenden in theorie de mogelijkheid hun zorgen, wensen en ideeën te uiten, voorafgaand aan een definitief besluit van het college van B en W. Maar het gaat in feite alleen over randvoorwaarden zoals leefbaarheid en veiligheid. Echte inspraak is het niet, want dat er een opvang komt, staat al vast. Het aantal geschikte locaties is beperkt en de gemeente heeft nu eenmaal een wettelijke verplichting om asielzoekers op te vangen.

Noodklok

Begin januari past de gemeente de nieuwe regeling voor het eerst toe bij de voorgenomen opvang van 250 asielzoekers in de Calandstraat in Laak. Margreet de Jonge woont er al sinds 1979 en is ruim drie jaar voorzitter van het Wijkberaad Laakhavens. Ze heeft haar wijk in de loop der jaren behoorlijk zien veranderen. “Er wonen veel mensen met een Turkse en Marokkaanse achtergrond. Ik discrimineer niet, ben zelf getrouwd met een Engelsman met een kleurtje, maar er is geen goede mix ontstaan.” Bijna tachtig procent van de inwoners in Laak heeft een migratieachtergrond. Het is een stadsdeel met veel problemen, zo valt te lezen in het ‘Actieplan Laak’ dat tot stand kwam nadat bewonersorganisaties de noodklok hadden geluid. Van criminaliteit, vuil op straat en overbewoning door arbeidsmigranten tot bewoners die kampen met gezondheidsproblemen, armoede en eenzaamheid.

Zorgen

Toch heeft De Jonge geen probleem met een nieuwe opvanglocatie in Laak, al is ze wel bezorgd over de doelgroep: “Dat het misschien alleen om mannen gaat, is een zorg die door iedereen wel wordt gedeeld.” In het buurtgesprek heeft de gemeente toegegeven dat het waarschijnlijk voornamelijk om mannen in de leeftijd van 18 tot 40 jaar gaat, zegt Henk van Schepen. Hij is voorzitter van het Wijkberaad Laak Centraal, een grote bewonersorganisatie met meer dan 160 actieve leden, vrijwilligers en straatvertegenwoordigers. Laak Centraal maakt zich niet alleen zorgen over de doelgroep, maar ook over de locatie en de leefbaarheid in de wijk.

 

Nog een opvanglocatie van deze omvang is een grote belasting voor zo'n wijk
Henk van Schepen, voorzitter Wijkberaad Laak Centraal

 

“De opvanglocatie in de Calandstraat ligt precies op de grens van de Schilderswijk en Laakkwartier, vlak bij station Hollands Spoor,” zegt hij. “Daarachter liggen de Megastores, een overdekt winkelcentrum dat half op z’n gat ligt. Het Mondriaan College en de Haagse Hogeschool met zo’n 15.000 vrouwelijke studenten zitten ook in de buurt. Moet je daar dan een asielzoekerscentrum neerzetten met alleenstaande mannen in de viriele leeftijd?” Volgens Van Schepen zorgt juist deze groep vaak voor problemen, zoals in Utrecht waar jonge Syrische asielzoekers overlast veroorzaken op het station en in winkelcentrum Hoog Catharijne. De Megastores zitten nog dichter bij de opvang. “Het geeft bewoners een gevoel van onveiligheid. Nog een opvanglocatie van deze omvang is gewoon een grote belasting voor een wijk waar het water de mensen al tot aan de lippen staat.”

Voldongen feit

Hoewel de gemeente in de uitnodigingsbrief uitlegt waarover het buurtgesprek gaat, wordt niet toegelicht waarom er geen inspraak is over bijvoorbeeld de locatiekeuze en de doelgroep. Het geeft de wijkberaden het gevoel dat ze voor een voldongen feit worden gesteld. Onder participatie verstaan zij heel wat anders. Van Schepen: “De gemeente moet ons van begin af aan meenemen: dit zijn de plannen, dat gaat er gebeuren. Geef ons het gevoel dat we daadwerkelijk kunnen meedenken over de opvang. Dit komt over als participatie omdat het nu eenmaal moet.”

Ook De Jonge vindt dat de gemeente de buurt er eerder bij had moeten betrekken. “Het besluit is al genomen. Tijdens het buurtgesprek werd letterlijk gezegd dat er geen discussie over mogelijk is. Op de belangrijkste vragen krijg je nauwelijks antwoord. Dat is toch geen participatie?” Ze begrijpt dat niet over alles inspraak mogelijk is. “Maar dan moet je als gemeente heel goed uitleggen waarom iets niet kan. Dat gebeurt gewoon bijna niet.”

Risico’s

Je hebt participatie en participatie, legt Niels Karsten uit. Hij is hoofddocent bestuurskunde aan Tilburg University. Het kan gaan om raadplegen, maar ook om meebeslissen. Karsten definieert participatie als betekenisvolle deelname in besluitvorming: “Er moet echt iets te kiezen vallen.” Hij waardeert de poging van de gemeente om de buurt erbij te betrekken en kan zich goed voorstellen dat er geen inspraak is over de locatiekeuze. Toch betwijfelt hij of je dit Haagse traject participatie kunt noemen. “Dit is meer een buurtraadpleging: het is participatie in het beheer van de voorzieningen, in de randvoorwaarden. Maar over de belangrijkste elementen zoals de locatiekeuze is geen inspraak. Ik snap dat je het vanuit politiek oogpunt participatie noemt, maar richting burgers wek je met die term toch een andere indruk.”

 

De zaken waar men bang voor is, zien we niet terug in onze opvanglocaties
Mariëlle Vavier, wethouder stadsdeel Laak (GroenLinks)

 

Er zitten dan ook stevige risico’s aan participatie, zegt hij, al kan het absoluut verschil maken. Je hebt bij asielopvang grofweg drie groepen die meestal ongeveer even groot zijn: voorstanders, een middengroep en een groep die mordicus tegen is. “Juist bij de middengroep kun je het verschil maken met een goede verantwoording over de locatiekeuze en heldere communicatie. Ook moet je de zorgen van bewoners serieus nemen, hoe lastig dat soms ook is.”

Kritiek

Maar het gaat met hangen en wurgen volgens de wijkberaden in Laak. Ze vinden dat het participatieverslag een te rooskleurig beeld schetst van het buurtgesprek, dat hun zorgen niet goed zijn verwoord. Maar wat misschien nog meer steekt, is dat ze nog steeds niet weten wanneer de opvang opengaat en welke doelgroep er wordt gehuisvest. Sinds het definitieve besluit in maart hebben ze niets meer vernomen van de gemeente.

“We moeten de bewonersorganisatie natuurlijk tussentijds informeren over de stand van zaken,” reageert wethouder Mariëlle Vavier (GroenLinks, stadsdeel Laak), “daar hebben we echt nog stappen in te zetten.” Ze neemt de kritiek ter harte en zegt opnieuw met de wijkberaden in gesprek te gaan over de participatie. De gemeente gaat de uitnodigingsbrief aanscherpen met een toelichting waarom er over bepaalde zaken geen inspraak is. Ook snapt Vavier de zorgen bij bewoners over de doelgroep, al benadrukt ze dat de praktijk in Den Haag een ander beeld laat zien. “De zaken waar men bang voor is, zien we niet terug in onze opvanglocaties.”

SoZa

Terug naar het Bezuidenhout. Ook daar leven er zorgen over veiligheid en overlast, zo blijkt in het buurtgesprek in het NH Hotel. De gemeente wil er 300 asielzoekers, 150 statushouders en 150 daklozen opvangen in het voormalige ministerie van Sociale Zaken (SoZa). Bijna de helft van de zaal is positief over de opvang, een kwart staat negatief tegenover de plannen van de gemeente en nog een kwart is niet tegen de opvang, maar deelt de zorgen die er leven.

 

Je kunt niet alle zorgen wegnemen, maar je moet bewoners wel het gevoel geven dat je naar ze luistert
Jacob Snijders, woordvoerder Wijkberaad Bezuidenhout

 

“Daarom was onze belangrijkste wens om een begeleidingscommissie in te stellen met omwonenden en alle stakeholders,” vertelt Jacob Snijders, die al ruim vijftien jaar het woord voert namens het Wijkberaad Bezuidenhout. “Individuele bewoners kunnen wel een melding doen bij de gemeente, maar ze horen vervolgens nooit meer wat terug. Als je met een georganiseerde groep als het wijkberaad aan tafel zit in zo’n commissie, kun je de zorgen wel op de agenda houden. De gemeente heeft ons verzoek echter afgewezen, heel raar.”

Niet slim

Op zich vindt Snijders de nieuwe participatieregels een verbetering, maar de gemeente moet bewoners wel veel beter informeren. Zo verzocht de buurt om voldoende politie-inzet bij de locatie. De gemeente liet in het participatieverslag echter weten ‘geen invloed te hebben op de politiecapaciteit’. Strikt genomen klopt dat, de burgemeester gaat niet over het beheer, maar hij heeft natuurlijk wel invloed op de inzet van agenten. “Dat is gewoon niet slim,” zegt hij. “Je kunt niet alle zorgen wegnemen, maar je moet bewoners wel het gevoel geven dat je naar ze luistert. Laat weten wat er aan handhaving gebeurt, dan neem je in elk geval een deel van de zorgen weg.”

Wethouder Vavier beaamt dat zo’n formele reactie niet volstaat. “Het is best ingewikkeld om alle emoties op zo’n avond goed samen te vatten in een verslag. We willen het zo feitelijk en objectief mogelijk opschrijven, maar soms slaan we door in droge formuleringen.” Op de vraag over de begeleidingscommissie reageert Vavier verbaasd. Bij de opvang op de Sportlaan (Vogelwijk) worden bewoners standaard uitgenodigd voor het omgevingsoverleg, zegt ze. “En dat gaan we op de Calandstraat ook doen, dus dat kan hier ook. Ik neem het op met het stadsdeel, dit kunnen we gewoon simpel oplossen.”

Expert Niels Karsten doet al jaren onderzoek naar het lokale bestuur en leiderschap. Hij vindt dat de gemeente het participatieproces best zorgvuldig inricht. Er zijn veel inspanningen verricht, al wordt soms geen recht gedaan aan de zorgen van bewoners. “Participatie zit vaak in details. Het vergt daarom heel goed projectmanagement en heldere communicatie. Op elke toezegging die je doet, moet je terugkomen. Als je dat laat lopen, verlies je je geloofwaardigheid.”

Nieuwe participatieprocedure

Het college van B en W komt met een voorgenomen besluit over een nieuwe opvanglocatie. De buurt krijgt tijdens een participatiebijeenkomst en online de gelegenheid om zorgen, wensen en ideeën te uiten. De gemeente vat de input van de buurt samen in een participatieverslag. B en W wegen de input van de buurt mee en nemen een definitief besluit.

Opvang in Den Haag

De opvang van asielzoekers is een groot probleem voor Den Haag. Verspreid over acht opvanglocaties in de stadsdelen Centrum, Laak en Scheveningen vangt de gemeente nu 1100 asielzoekers op. Dat moeten er volgens de taakstelling in de Spreidingswet 2200 worden. Wethouder Vavier wil daaraan voldoen met nieuwe opvanglocaties in Laak (Calandstraat, 250 plekken), de Vogelwijk (Sportlaan, 440), de Binckhorst (600) en het Bezuidenhout (300).

De redactie biedt u dit verhaal gratis aan. Meer Haagse verhalen? Neem een (proef)abonnement op weekkrant Den Haag Centraal. Elke donderdag in de bus. De krant is ook verkrijgbaar bij onze verkooppunten

Standaardportret
Bekijk meer van