Recensie – Tragische luiaard Oblomov prachtig tot leven gewekt

Theater Branoul kan de eindjes maar met moeite aan elkaar knopen. Met behulp van crowd funding wordt nu een eigen, indrukwekkende versie van ‘Oblomov’ op de planken gebracht.

Door

Ga er maar aanstaan: de monumentale roman ‘Oblomov’ van Ivan Gontsjarov (1812-1891) – 553 pagina’s dundruk in Van Oorschots Russische Bibliotheek – bewerken voor theater. Manon Barthels, huisauteur van Theater Branoul, deed het. En in korte tijd bovendien. Samen met haar echtgenoot, acteur Bob Schwarze, doet ze er alles aan het podium in de lucht te houden.

Het resultaat mag er zijn, konden we zondagmiddag zien in de Maliestraat. Wat is er mooier dan daar verwijlen met de passieve Ilja Iljitsj Oblomov, terwijl buiten de nerveuze kermis van de CPC-loop gaande is? De meeste literair onderlegden weten er wel iets van, van Oblomov. Hebben mogelijk de charmante film van Nikita Michalkov (1980) gezien, of zelfs het boek gelezen. Wat blijft hangen: Oblomov, de aartsluiaard op zijn sofa en om hem heen de mopperende knecht Zachar. Maar in feite is dat maar één derde van het verhaal, dat in zijn geheel eerder tragisch is dan komisch.

En dan komt Stolz binnen…

Het eerste deel komt in Barthels’ bewerking geweldig uit de verf, met Sijtze van der Meer in de titelrol, Bob Schwarze in de dubbelrol Tarantjev/Stolz en Roeland Drost als Zachar. De komische kansen worden niet onbenut gelaten. Oblomov snurkt dat het lieve lust is, Zachar barst uit in pseudo-Russische tirades en Tarantjev is een heerlijk vileine profiteur.

En dan komt Stolz, die we al even een inleidend woord over de ‘reine ziel’ Oblomov hebben horen spreken, als een wervelwind binnen. Hij trekt zijn vriend letterlijk uit bed. Er wordt gesproken over liefde, over Parijs en over plannen om het landgoed Oblomovka te reorganiseren. De sofa draait een kwart slag, waardoor hij minder dominant in beeld is. Zachar speelt de melodie van ‘Casta Diva’ uit ‘Norma’ van Bellini op zijn accordeon. Dat is de aria die Olga zo mooi zingt. Olga, op wie Oblomov hopeloos verliefd wordt. We krijgen haar niet te zien. Er wordt over haar verteld en dat maakt de onbereikbaarheid van deze geliefde des te duidelijker.

Oblomov durft het niet aan

In feite is ze wél bereikbaar. Maar Oblomov durft het niet aan, zoals hij uitlegt in een emotionele scène, waarin Sijtze van der Meer tot grote hoogte stijgt. En wie krijgt haar wel? Stolz. Hij wéét dat Olga eigenlijk van Oblomov houdt, maar pikt haar uiteindelijk zelf in. Bob Schwarze geeft prachtig reliëf aan het dubbelzinnige in deze figuur. Van je vrienden moet je het maar hebben.
Even later staat de sofa weer pontificaal in beeld. De suggestie is duidelijk: foute boel. Oblomov is weer vervallen tot het ‘Oblomovisme’, zoals het Stolz het cynisch noemt. In een epiloog vertelt hij dat zijn vriend uiteindelijk een weduwe huwt en met haar nog een kind krijgt en dat naar hem (Stolz) vernoemt. Maar verder is Oblomovs bestaan passief. Hij wordt ziek en sterft. Stolz en Olga nemen het kind op in hun gezin.

‘Nooit een valse klank’

Eén punt van kritiek dan toch. Roeland Drost maakt zoveel werk van zijn Zachar-vertolking – brommen, schreeuwen, zingen, dansen – dat de balans soms iets te veel doorslaat naar de kluchtige kant. Want het blijft toch een tragisch verhaal over een tragische figuur, over wie Stolz (in de roman is het Olga) zegt dat er in zijn hart ‘nooit een valse klank is geweest’. “Hij is vrij van elke smet gebleven”.

Bob Schwarze bij ‘zijn’ Theater Branoul. | Foto: PR

Het is een prachtige roman, die in deze compacte Branoul-bewerking veel van zijn rijkdom laat zien. Ook wordt weer eens duidelijk dat met weinig middelen grootse dingen kunnen worden gedaan en dat er méér is (moet zijn) in de stad, dan alleen de grote rijke broer, Het Nationale Theater.  

‘Oblomov’, tot en met 16 april, Theater Branoul; de crowd funding loopt ook nog, zie www.branoul.nl      

 

 

 

Standaardportret
Bekijk meer van