Column: Blue Monday in de Schilderswijk

Op de ‘blauwe maandag’ na de voetbalrellen oogt de Schilderswijk uitgeput. Raadslid Richard de Mos pleit voor een harde aanpak, maar die reflex is te kortzichtig, schrijft columnist Christiaan Weijts.

Door

Een blauwe container naast de Albert Heijn in de Hobbemastraat is bijna helemaal opgebrand. Alleen de bodem is er nog. Twee wieltjes steken uit de gesmolten en geblakerde homp. Het object, met de structuur van een druipkaars, zou in een museum niet misstaan.

Titel: ‘Blue Monday in de Schilderswijk’. Want dat is het ook nog eens vandaag, de ochtend na de verloren finale van de Afrika Cup: officieus de somberste dag van het jaar.

In de wijk hangt vooral vermoeidheid. Een man op krukken sjokt langs het kunstwerk, port er wat in. Zware nacht geweest? “Ja, zwaar. En laat. Terwijl: de meeste mensen willen gewoon slapen.” Een medewerker van de supermarkt knikt begripvol: “Mijn zusje was bang. Weer zo’n nacht met sirenes.”

Op online beelden van dit kruispunt vliegt het vuurwerk rond, staat er van alles in brand, worden agenten bekogeld, toetert een stoet auto’s. Is dit wat Richard de Mos bedoelde met ‘Den Haag is Den Haag niet meer’?

 

De conclusie is dus dat De Mos zijn eigen naam steeds vaker googelt

 

In de brief waarmee hij de campagne voor Hart voor Den Haag aftrapt schrijft hij dat hij dit ‘steeds vaker’ hoort. Interessant, want als je op Google naar die letterlijke zin zoekt, krijg je uitsluitend verwijzingen naar De Mos zelf. De conclusie is dus dat hij zijn eigen naam steeds vaker googelt.

Wanneer was Den Haag nog wel Den Haag, en wanneer is dat precies gestopt? Het Den Haag uit zijn brief gaat over ‘paleizen’, ‘parken, duinen en bossen’, en 570.000 inwoners die ‘werken’ en voor wie het een ‘thuis’ is.

Dat is dus precies wat je hier hoort: bewoners van de Schilderswijk willen ook hun kinderen veilig naar school brengen, trots zijn op de buurt waar ze zich thuis voelen en gewoon kunnen slapen.

Voorafgaand aan de wedstrijd circuleerde er online een poster. ‘Vanavond speelt Marokko een belangrijke wedstrijd. Laten we dit samen verantwoord en met trots beleven. Praat met je kinderen en houd een oogje in het zeil. (…) De Schilderswijk staat voor trots en verantwoordelijkheid. Laten we samen laten zien dat het ook anders kan.’

Je kunt het naïef noemen, dit bericht dat via buurtvaders is verspreid – dezelfde groep die ’s nachts ook in gele hesjes hielp om het verkeer te regelen – maar uiteindelijk valt hier meer van te verwachten dan de gemakkelijke reflex van Richard de Mos, die meteen opriep tot hardere acties.

 

Met een trumpiaanse ICE in onze straten verander je Den Haag niet meer in ‘Den Haag’

 

‘Je was erbij, je bent erbij’, is zijn principe. Collectieve verantwoordelijkheid. Gewoon iedereen oppakken die je op film kunt identificeren. “Niet de-escaleren maar reageren.” Met zichtbaar gezag.

Natuurlijk moet je degenen die daadwerkelijk en aantoonbaar de fout in gaan oppakken – dat gebeurt ook – maar met een trumpiaanse ICE in onze straten verander je Den Haag niet meer ‘Den Haag’.

Als dat al bestaat. Want die vermeende vroegere stad is voor De Mos een nostalgische ansichtkaart van parken, paleizen, mensen die elkaar tegenkomen bij ‘de bakker’, en op ‘het schoolplein’. Die bakkers en schoolpleinen zíjn hier. En dáár moet een ander soort gezag versterkt worden dan het harde machtsvertoon waarmee De Mos alles simplificeert.

Je was erbij dus je bént erbij. Oppakken. Leegvegen. Alsof je maar op een knop hoeft te drukken om alle onvrede te elimineren, waarna je een stad terug hebt die weer herkenbaar is.

De werkelijke oplossing vergt een langere adem, waarin het gezag van ouders, familie, buurtvaders en -moeders zwaarder weegt. Die poster sprak de taal van de keukentafel, en die heeft uiteindelijk toekomst. Richard de Mos verkoopt geen toekomst maar een verleden, geretoucheerd met wapenstokken. Misschien herinneren we ons die spierballen later als campagnetaal van een blauwe maandag.

De redactie biedt u dit verhaal gratis aan. Meer Haagse verhalen? Neem een (proef)abonnement op weekkrant Den Haag Centraal. Elke donderdag in de bus. De krant is ook verkrijgbaar bij onze verkooppunten.

Standaardportret
Bekijk meer van