Bredere stoepen, minder obstakels: gemeente legt rode loper uit voor voetganger
De gemeente zet haar beste beentje voor om voetgangers de ruimte te geven. Hij is niet langer het sluitstuk bij de inrichting van de openbare ruimte, maar het vertrekpunt.
Den Haag moet een walhalla voor voetgangers worden. Om die reden wil het college de looproutes door de hele stad op alle fronten verbeteren. Van het verbreden van stoepen, het verwijderen van obstakels en het verbeteren van oversteekplaatsen tot het verlagen van de maximumsnelheid naar dertig kilometer per uur. Ook verkort de gemeente de wachttijd bij verkeerslichten voor voetgangers en komen er comfortabele routes naar ov-haltes. “Er komen wandelminutenkaarten per stadsdeel waarop staat aangegeven hoeveel minuten het lopen is naar bijvoorbeeld een museum of een halte,” legt wethouder Arjen Kapteijns (GroenLinks, mobiliteit) uit. “Hiermee maken we zichtbaar dat wandelen naar je bestemming veel minder tijd kost dan wordt gedacht.”

Een impressie van de wandelminutenkaart van het centrum die wordt verspreid over de stad. (Gemeente Den Haag)
Ook komen er nieuwe voetgangersgebieden in het centrum, tussen de grote stations (Central Innovation District) en in Scheveningen. Daar wordt nu een verkenning naar gedaan. “Ik kan me voorstellen dat er naar het Palaceplein gekeken kan worden, of naar het uitbreiden van de voetgangersgebieden in de winkelstraten in het centrum,” zegt Kapteijns, die zelf ook graag de benenwagen neemt. “Waar fietsers moeten lopen als de winkels open zijn.”
Niet vrijblijvend
De voetganger stond bij de gemeente al op één in woord, maar niet in daad. Het college legt daarom na de zomer het plan ‘Ruimte voor lopen in Den Haag’ voor aan de gemeenteraad. Daarin staat zwart-op-wit staat dat bij nieuwe projecten in de openbare ruimte altijd moet worden gekeken naar de beste oplossing voor voetgangers. “We leggen de rode loper uit voor de voetganger,” zegt Kapteijns. “Het is straks niet meer vrijblijvend om bij elk project rekening te gehouden met de voetganger. Het kan zelfs betekenen dat er fietsnietjes worden verwijderd om de toegankelijkheid op de stoep te verbeteren. Het is belangrijk dat mensen door kunnen lopen als je ze aan het wandelen wilt krijgen, dat je je als voetganger niet tussen geparkeerde auto’s door hoeft te wringen.”
De voordelen van wandelen zijn evident
Op veel plekken in de stad wordt al gewerkt aan de wandelambitie van het college. Zo verandert de Pletterijkade in een groene wandel- en fietsboulevard en komt er op de Prins Mauritslaan op initiatief van de bewoners een groene wandelroute. Langs de nieuwe Velostrada kan ook op een veilige manier tussen Den Haag en Leidschendam-Voorburg worden gewandeld. Op onder meer de Beresteinlaan, de Regentesselaan en de Waldorpstraat worden de looproutes verbeterd en oversteekplaatsen veiliger gemaakt.
Wandelstad
Den Haag is al een op en top wandelstad: 27 procent van alle verplaatsingen gaat te voet. “Dat ligt hoger dan het landelijk gemiddelde,” zegt Kapteijns. Vooral het Laakkwartier en het centrum zijn wijken waar wandelen populair is. In een groeiende stad met beperkte ruimte is dat volgens de wethouder een goede ontwikkeling, want voetgangers nemen weinig ruimte in. En de voordelen van wandelen zijn ‘evident’, aldus Kapteijns: “Het is betaalbaar en goed voor de gezondheid, je maakt sneller een praatje en je loopt ook sneller een winkel in – dat is goed voor de economie.” Het nieuwe beleid moet nog meer mensen in de benen brengen. “Dertig procent in 2030 lijkt mij een mooie doelstelling.”