Choreograaf William Forsythe beweegt de bezoeker in Voorlinden
Van kruipen tot balanceren, van stilstaan tot je hoekig verplaatsen. De wereldberoemde choreograaf William Forsythe laat elke bezoeker proefondervindelijk ervaren hoe hij beweegt in het bijna jarige Voorlinden.
Museum Voorlinden maakt zich op voor het 10-jarig bestaan. Begin september wordt het hele museum ingeruimd voor ‘Celebrating the Icons of Art’. Kaskrakers uit de eigen 21ste-eeuwse collectie gaan in dialoog met 20ste-eeuwse iconen van bevriende musea, zoals het New Yorkse MoMA en Tate Modern in Londen. Reken op namen als Damien Hirst, Ron Mueck, Luciano Fontana, Louise Bourgeois, Francis Bacon, Roni Horn, Claude Monet, Yayoi Kusama, Tracy Emin, Pipilotti Rist en de vorige week overleden David Hockney.
Maar voordat het zover is, krijgt de wereldberoemde choreograaf William Forsythe (New York, 1949) alle ruimte om de bezoekers in beweging te brengen. In het kale gebouw heeft hij een stuk of tien minimalistische installaties – ‘Choreographic Objects’ – gerealiseerd die de bezoeker in beweging moeten brengen. De expositie begint met een beeldscherm zo groot als de achterwand van een verder lege zaal. Op het scherm worden binnenkomende bezoekers vertraagd en misvormd weergegeven. Speciale software transformeert ieders gestalte tot langgerekte, kronkelende bewegingen. Maar hoe werkt dit? Want het lijkt erop dat je invloed kunt uitoefenen op je eigen kronkelende gestalte. Wie een halve minuut doodstil blijft staan, komt gewoon tevoorschijn!
Onderhand ben ik een oude man van 77, maar ik werk er nog steeds elke dag aan
“Het lichaam is een denkinstrument,” zegt William Forsythe. In ‘City of Abstracts’, zoals deze installatie uit 2000 heet, triggert hij je vermogen om fysiek uit te zoeken hoe die vervorming werkt. Kun je voorspellen wat er gebeurt als je beweegt? Als vanzelf ontstaat er een onderzoekende choreografie, waarin overigens alle medebezoekers zijn betrokken. En daar heb je niets over te zeggen.
Stuttgart
William Forsythe experimenteert al zijn hele leven met hoe en waarom we bewegen. “Ik ben er nu zo’n vijftig jaar mee bezig,” zegt hij. “Onderhand ben ik een oude man van 77, maar ik werk er nog steeds elke dag aan.” In 1973 ging hij dansen in Stuttgart en daar ontpopte hij zich al snel als een geniale vernieuwer binnen de hedendaagse dans. Zijn hoekige, abstracte balletten worden overal ter wereld uitgevoerd, ook in het Nederlands Dans Theater. De afgelopen 35 jaar zijn daar kunstzinnige installaties bij gekomen die hij slechts op aanvraag creëert en die buiten de danszaal te ervaren zijn.
De kern is telkens het uitzoeken wat een bepaalde beweging doet. In de tweede zaal ligt een plumeau met veren op een planchet aan de muur. Wie hem oppakt, merkt dat het ding niet stil te krijgen is. Hoewel wij het idee hebben dat we vaak stilvallen, is dat niet zo. Het lichaam is een bron van microscopisch kleine trillingen. Bij kleine kinderen is dat in extreme mate zichtbaar – ‘die kunnen gewoon niet stilzitten,’ zeggen we dan – maar ook als volwassenen zijn we constant in beweging. Totdat de dood ons stillegt.
Je weg vinden wordt een dansende uitdaging
Het traject met ringen is de grootste fysieke uitdaging. In ‘The Fact of the Matter’ hangen 350 ringen op verschillende hoogtes. Het is de bedoeling om van de ene naar de andere kant te gaan zonder de grond te raken. Dat vergt ongelooflijk veel van je motorische improvisatievermogen. Er wordt gewaarschuwd voor een hoog risico op vallen. “Dit is geschikt voor mensen van zes tot zestig jaar,” zegt Forsythe. “Ik kan het ook nog, maar ik ben een uitzondering.”
Pendules
Het uitdagendste ‘Choreographic Object’ is een zaal met tachtig bewegende pendules. Ze zijn met lange draden aan het plafond bevestigd en slingeren vlak boven de grond. ‘Nowhere and Everywhere at the Same Time No.3’ heet deze versie, die volledig is afgestemd op de maat van Voorlindens grote zaal. Elke pendule wordt apart en net iets anders aangedreven door een ultrazacht zoemend motortje. Omdat het hele veld onvoorspelbaar beweegt, is het een flinke puzzel om erdoorheen te manoeuvreren zonder een pendule aan te raken.

Choreograaf William Forsythe experimenteert al zijn hele leven met hoe en waarom we bewegen. (Peter Hamelinck)
De pendules komen op je af en slingeren vlak langs je heen. Al bewegend moet je telkens je richting en tempo aanpassen. Soms kun je snel door openingen schieten; op andere momenten moet je wachten totdat zich een pad voor je opent. Je weg vinden wordt een dansende uitdaging. Sommige bezoekers bewegen zich er snel en gracieus doorheen, anderen bewegen zich als bedachtzame slakken, maar iedereen komt erdoorheen.
Bij ‘Additive Inverse’ uit 2007 is het noodzakelijk om juist zo min mogelijk te bewegen. Oorspronkelijk gemaakt voor Japan, waar een religieus getinte gemeenschapszin heerst, vraagt dit niet-tastbare object om uiterste zelfbeheersing. Drie videoprojectoren projecteren een grote cirkel in een zwarte bak, gevuld met mist. Een luchtbeweging die te heftig is, vernietigt het ijle, driedimensionale cirkelbeeld en dan duurt het wel even voordat het beeld weer is opgebouwd. Men moet er dus uiterst kalm en langzaam omheen bewegen. “Dit zou je een gemeenschappelijke sociale choreografie kunnen noemen,” aldus Forsythe, “en zoals overal, ligt het falen op de loer.”
De redactie biedt u dit artikel gratis aan. Meer Haagse artikelen? Neem een (proef)abonnement op weekkrant Den Haag Centraal. Elke donderdag in de bus. De krant is ook verkrijgbaar bij onze verkooppunten.