Opdrachtgever aanslag Tarwekamp ook verdacht van mishandeling
De eigenaresse van de bruidswinkel aan de Tarwekamp, het doelwit van de dodelijke explosie op 7 december vorig jaar, heeft aangifte gedaan van eerdere mishandeling en bedreiging door de opdrachtgever van de aanslag, haar ex-vriend. Dat heeft het Openbaar Ministerie donderdag bekendgemaakt tijdens de derde zitting ter voorbereiding van de rechtszaak tegen vier verdachten.
Bij de explosie in de wijk Mariahoeve kwamen zes mensen om het leven. Een heel woonblok aan de Tarwekamp werd verwoest; vijf woningen stortten in.
De destijds 33-jarige Moshtag B. uit Rotterdam heeft direct na zijn aanhouding bekend opdracht te hebben gegeven voor brandstichting in de bruidswinkel van zijn ex-vriendin, uit wraak omdat ze zou zijn vreemdgegaan. De vrouw deed deze maand aangifte tegen de hoofdverdachte. Niet alleen voor de aanslag op haar winkel, maar ook van mishandeling, computervredebreuk, bedreiging en belaging voorafgaand aan de aanslag.
'Pas op,' heeft hij gezegd, 'het is geen goed plan'
De hoofdverdachte zat in de rechtszaal apart van de drie medeverdachten uit Noord-Brabant. Twee van hen, Ilias B. en Mourad B., worden verdacht van uitvoering van het plan. Zij hebben bekend brand te hebben gesticht, maar ontkennen dat er sprake is van moord met voorbedachten rade. Opviel dat de jongste van de twee, destijds 23 jaar, niet naast de ander wilde zitten op de verdachtenbank. “Ik kan het eigenlijk nog steeds niet bevatten allemaal,” zei hij tegen de rechter. “Ik vind het eerlijk gezegd steeds moeilijker hierbij aanwezig te zijn.” Hij koos ervoor terug te worden gebracht naar de gevangenis in plaats van de rest van de zitting bij te wonen.
Plan
Adil A., die zou hebben geholpen bij de voorbereiding maar niet aanwezig was bij de aanslag zelf, vroeg opnieuw om vrijlating. Zijn advocaat liet weten dat de man “zich wel degelijk bewust is van zijn aandeel, maar gefrustreerd is omdat hem een te grote rol wordt toegedicht waardoor hij al 9 maanden vastzit. Hij is er als laatste bijgehaald en heeft zich laten informeren over het plan, maar niet gek veel meer dan dat. Hij wilde alleen meedoen aan diefstal, niet aan brandstichting.” Hij zou de anderen zelfs hebben gewaarschuwd voor de gevaren ervan. “‘Pas op,’ heeft hij gezegd, ‘het is geen goed plan, geef dat terug aan de opdrachtgever.’”
Ze hebben die nacht voor hun leven gevreesd en hebben nog steeds geen plek om te wonen
De rechter besloot dat A. blijft vastzitten, net als de andere verdachten. “Bij medeplegen is niet altijd vereist dat iemand bij de daadwerkelijke uitvoering aanwezig is geweest,” lichtte hij toe. “Er zijn voldoende aanwijzingen dat u betrokken was bij de voorbereiding.”
Voor de rechtszaak laat het Openbaar Ministerie (OM) een reconstructie maken van wat er gebeurd is. Het wachten is op afronding van het onderzoek van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI). Het onderzoek naar de bouwkundige staat van de ingestorte woningen door TNO, waarom de verdediging heeft gevraagd, moet nog beginnen. De resultaten daarvan worden begin volgend jaar verwacht. Dat betekent dat met de inhoudelijke behandeling van de zaak niet eerder dan medio volgend jaar kan worden begonnen. “Voor de zomer zou mooi zijn,” volgens de rechter. “We proberen de vaart erin te houden.”
Onrust
De advocaten van de slachtoffers en nabestaanden gaven aan dat zij beter op de hoogte gehouden willen worden over de voortgang van de zaak. “Onze cliënten vinden het vervelend veel uit de pers te moeten vernemen,” aldus een van hen. De advocaat van een vrouw met twee jonge kinderen en een koophuis in het ingestorte appartementencomplex vertelde dat zij nog steeds lijden onder wat er is gebeurd: “Ze hebben die nacht voor hun leven gevreesd, de moeder is arbeidsongeschikt geraakt en ze hebben nog steeds geen plek om te wonen.”
De volgende voorbereidende zitting is gepland op 17 november.