Column: Parkeertoerisme overspoelt de buitenwijk
De parkeertoerist zet zijn auto gratis aan de rand van de stad en trekt vervolgens per fiets of tram naar bestemming. Het parkeerbeleid dat dit gedrag in de hand werkt, is gebaseerd op nattevingerwerk, schrijft columnist Christiaan Weijts.
Dé vrijetijdsbesteding die in en rond onze stad in opkomst is, is het parkeertoerisme. De voorpret begint al boven de reisgids, de gemeentelijke plattegrond met parkeertarieven. Daar zoek je je bestemming uit buiten de roodomrande vakken.
In de praktijk gaat het dan om de uitgestrekte automaatvrije straten en lanen van Voorburg, Wateringen of Rijswijk. De gemeente zet alles op alles om dit toerisme een krachtige impuls te geven. Ze geeft Haagse woonwijken minder parkeercapaciteit per adres, of verwijst ze naar krankzinnig dure commerciële garages (Binckhorst). Daarnaast helpt ze de randgebieden door in praktisch alle stadsdelen betaald parkeren in te voeren of uit te breiden.
De beleving van de parkeertoerist lijkt op die van een safari. Eenmaal op de bestemming rijdt hij eindeloos rondjes door de vreemde buurt of buitenwijk tot hij het zeldzame lege parkeervak spot. De sensatie laat zich lastig beschrijven. Wat een genot om je auto daar gratis neer te kunnen zetten, vervolgens de tram te pakken naar je werk of naar het centrum! In Wateringen zijn al doorgewinterde parkeerreizigers gezien die een vaste pendelfiets aan een lantaarnpaal hebben geketend. Ook de vouwfiets in de kofferbak is geliefd. Misschien kan ons stadsbestuur de sector een extra stimulans geven door flink wat deelscooters op de trottoirs van de buren te stallen?
Niet degene met de beste argumenten wint, maar degene met de beste printer
Niet overal is het een succes. Vijf jaar terug was een randgebied als Moerwijk-Noord nog een erg geliefde reisbestemming, maar daar stelde de gemeente paal en perk aan. Met een uitgebreide enquête was gemeten dat het draagvlak voor het autotoerisme minimaal was. Een meerderheid van de inwoners wilde ook hier betaald parkeren.
Nu, vijf jaar later, blijkt dat wat twijfelachtig. Eén bewoner, die blijkbaar gehecht was aan die dagelijkse bezoekers (of zelf geen vergunning opgedrongen wilde krijgen), procedeerde tot aan de Raad van State.
En die liep niet over van waardering voor dat draagvlakonderzoek. De uitspraak leest als een bestuurlijke slapstick. De respons was maar 27 procent, niet de 35 die de gemeente zelf als norm hanteert voor een representatieve respons. ‘Op de zitting heeft het college verder toegelicht dat het quorum nergens op papier staat, maar dat het om een vaste gedragslijn gaat.’
Dat is al best apart: het college hanteert zo’n 35 procentsregel blijkbaar als een soort folklore of mythologie. Zo doen we dat nu eenmaal, al sinds Lodewijk Napoleon ons stadsrechten gaf. Dan blijkt dat de antwoordformulieren niet genummerd waren, zodat ‘het eenvoudig mogelijk [was] meerdere formulieren in te zenden en de uitkomst van de enquête te beïnvloeden’. Ergens tussen een dampende pan nasi en de afwas denkt een buurtbewoner achter de keukentafel de democratie te redden door nog maar eens een gekopieerd formulier in te vullen. Niet degene met de beste argumenten wint, maar degene met de beste printer.
Eigenlijk zegt de Raad van State: gemeente, jullie weten zelf niet eens waarom je iets doet
De gemeente meldde ook blanco stemmen, die op dat formulier helemaal geen optie waren. Eigenlijk zegt de Raad van State: gemeente, jullie weten zelf niet eens waarom je iets doet. Dan volgt de genadesteek: ‘Het college kan de ingevulde formulieren niet meer onderzoeken, omdat deze niet bewaard zijn gebleven.’
En nu? Mogen we nu allemaal onze auto volgieten, de fietsen op het imperiaal klikken en weer vrolijk op parkeersafari gaan in Moerwijk-Noord? Welnee. Er verandert niets. De gemeente bedankt de Raad van State vriendelijk en neemt het beleid ‘met spoed opnieuw onder de loep’.
Als je als burger verkeerd parkeert, rijdt er een geavanceerde scanauto langs die je erbij lapt. Maar het beleid waarop die dingen rijden, is gebaseerd op nattevingerwerk dat ook nog eens spontaan verdwijnt.
Voor een sport die zoveel Haagse harten beroert als het parkeertoerisme, zijn de gemeentelijke regels ronduit onhandig.
De redactie biedt u dit verhaal gratis aan. Meer Haagse verhalen? Neem een (proef)abonnement op weekkrant Den Haag Centraal. Elke donderdag in de bus. De krant is ook verkrijgbaar bij onze verkooppunten.